Pagina's

zondag 22 april 2012

Hoopjes werk, mastodonten & 'de muur' connotatie

Begin vorige week was een deadline voor een behoorlijk aantal van onze vakken. Op maandag moest er nog een lino af zijn en best ook een ets. Normaal ging de week dan verder met nog een hoopje opdrachten, maar die lessen werden allemaal geschrapt. Niet erg want nu is het meeste van het werk al gedaan. Het examen psychologie verliep van een leien dakje en de docente beloonde ons dan ook met het hoogt haalbare cijfer. Als dat zo verder gaat dan zal er niets beter gekund hebben aan deze drie maanden.

Onze tijd hier begint heel snel in te korten. Als ik er aan denk begint mijn hart wat sneller te slaan, alsof het doorheeft dat het begonnen is aan zijn laatste hartstochtelijke slagen op Tsjechische bodem. Maar dat geeft ook een zekere ‘drive’, en de dagen worden drukker als ooit te voren. Een gezonde mix van schoolwerk en ontspanning staan/stonden op het programma. Hoewel ik moet zeggen dat ik, op het einde van mijn opleiding, eindelijk een gemoedsrust blijk ontdekt te hebben die daar iets aan aanpast. Ontspanning is op dit moment schoolwerk en visa versa! Onvoorstelbaar, hopelijk blijft dit gevoel niet eenzaam achter in de plaats die ik nu al drie maanden mijn thuis mag noemen.

Na het drukke begin van de week, hebben we die trend gewoon verder gezet. Maar dan op een andere bodem. We trokken woensdag middag richting Berlijn, Duitsland. Het plan was dat we zaterdag namiddag de bus huiswaarts zouden nemen. Opnieuw, zo gezegd zo gedaan. Ik zal jullie niet vervelen met een volledige uur tot uur beschrijving van de dagen in Berlijn. Wat ik wel even snel zal trachten te schetsen is de indrukken die de stad op mij naliet, met hier en daar een toets van gebeurtenissen en plaatsen natuurlijk. Na een busrit, waar de spannendste gebeurtenis geleverd werd door een medepassagier die met een paspoort dat in 2001 verlopen was trachtte te reizen, wat de politie in Duitsland duidelijk minder grappig vond dan Frodo en ik, kwamen we om 22u30 aan in Berlijn. Hoewel we nog een flinke metro rit voor de boeg hadden voor we het centrum en onze hostel zouden bereiken, leek het alsof we midden in het centrum waren aangekomen. Langst alle kanten werden de wegen geflankeerd door betonnen mastodonten waaruit zachte lichtstralen het enige teken van leven waren. We namen de metro tot die plots stopte en niet meer verder wou. Het probleem werd ons in het West-Vlaams uitgelegd door twee heren die uit het verre Roeselare kwamen. Na wat praten met de heren die voor ons het probleem uit de doeken deden gingen we verder en vonden na een tijd zoeken de onvindbare hostel die vlak voor ons stond. We baanden ons een weg door het labyrint dat ze een hostel noemde en legden onze hoofden te rusten op merkwaardig zachte kussens. Of misschien voelde die gewoon zo door vermoeidheid en een brein dat onwenselijke dingen toch gewoon weer omvormt tot fijne ervaringen.


Mijn ogen vlogen open toen de vogels hun snater open zette en de zon ons riep met lonkende stralen. Toen werd de grote van de stad ons pas duidelijk. In Berlijn doet het er duidelijk niet toe waar je uit de metro opnieuw boven de grond komt. Want waar je je hoofd ook als een dagblinde mol bovensteekt, je komt gegarandeerd in het centrum vol mensen terecht die zich een weg banen tussen de reuzen van gebouwen die alles als trotse bewakers flankeren. Om de hoek vind je een nieuw winkelcentrum dat zijn uiterste best doet om groter en beter te zijn dat het vorige dat je juist achter je liet. Even stond ik naar boven te staren en in een cirkeltje te draaien. De omvang van deze stad, wist ik toen, zou moeilijk te vatten zijn in de tijd die we hier maar hadden. Op dat moment besloten we toch daar ons uiterste best voor te doen! Het plan was gewoon te gaan naar waar het ons boeiend en leuk leek. Zo waaiden we binnen in het Kennedy, waarna we gezind over de straat gingen met de lokroep “Ich bin ein Berliner!”. Onder de Brandenburgse poort door liepen we het aangrenzende park binnen en bewonderden enkele oorlogsmonumenten & het rijksdaggebouw waarna het zonlicht ons al snel begon te verlaten. Om de sfeer van de grootheid van Berlijn helemaal in te ademen gingen we eten in de buurt van de Potsdamer Platz, het reuze centrum onder de Andere giganten. De nacht en wij gingen hand in hand Berlijn in. De volgende dag was deels gevuld met een wandeling langst ‘de muur’ van het verleden. Het gaat hier letterlijk om de Berlijnse muur natuurlijk, die nu een trotse scheiding vormt tussen het heden en verleden. Eens stond hij niet zo trots en voor het compleet tegenovergestelde dan waar hij nu een trots en lijnrecht symbool voor is: vrijheid. Vreemd & inspirerend hoe de symbolische betekenis van een object van die omvang zo snel kan veranderen en toch nog dezelfde woorden heeft staan in zijn betekenis. Het enige verschil is dat ze nu een andere connotatie hebben gekregen. Het verkennen van deze immense stad bracht ons naar het filmmuseum. Toen we daar voldaan buiten kwamen keken we even rond tot een dame van H&M ons benaderde. Ze vroeg ons of we zin hadden om mee te werken een nieuwe campagne tegen aids. Ze zouden een foto nemen en die voor even op een reuze bilboard laten zien, en zo geschiede. Tegen die tijd waren we in de buurt van de nieuwe nationale galerij, waar we dan ook natuurlijk zijn binnengegaan. Toen de volgende dag aanbrak hadden we niet zo veel tijd meer om nog al onze plannen uit te voeren. Maar toch konden we nog succesvol de nationale galerij en Slot Charlottenburg bewonderen!


Vermoeid, in de meest positieve zin van het woord, keerden we huiswaarts om de laatste twee weken van ons avontuur in te stappen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten